Mag ik mij even voorstellen? Ik ben Burnie. Ik weet wat het is om van weinig rond te moeten komen.  Ik herken de situatie van iemand  die in de problemen zit. In het verleden hebben mensen mij geholpen toen ik het moeilijk had. Nu het beter met mij gaat wil ik iets teruggeven aan de wereld om mij heen. Mijn motivatie komt dus voort uit mijn eigen ervaring maar daarnaast ook door wat ik allemaal ben tegengekomen tijdens mijn vrijwilligerswerk de afgelopen jaren. Ik vond dat er meer moest komen voor mensen.

Ik kwam om op dit idee doordat ik al bij de Woej kookte voor ouderen. Marjan Koot van de Woej heeft met mij een plan opgezet om mijn idee te verwezenlijken en stapsgewijs ging ik van idee naar uitvoering van mijn plan. Twee maanden lang hebben we eens per week samen nagedacht en kreeg ik wekelijks feedback en huiswerk van haar. Zo  kon ik uiteindelijk de doelstelling formuleren en leerde ik meer over bijvoorbeeld te technische regeltjes van de gemeente. Wat mij erg geholpen heeft is dat Marjan heel enthousiast was en tegelijk heel zakelijk. Ze heeft mij geholpen bij het omzetten van wat ik wilde en dacht naar hoe ik het moest doen. Dit deed ze door kritische vragen te stellen, informatie te geven, mijn idee in een breder kader te zetten en praktische tips.  Toch bleef het mijn project. Ik werd empowered by Woej. Na twee maanden begon ik mijn idee uit te voeren.

Samen met Gwen en Joke (vrijwilligsters) begonnen wij in 2017 met onze eerste minimaaltijd. Dit is een driegangenmenu met koffie voor 2,50 euro. Kinderen tot 12 jaar eten gratis mee. Voorwaarde om aan de maaltijd deel te nemen is dat je in het bezit bent van een Ooievaarspas. De eerste keer kwamen er zes gasten. Nadat ik mensen persoonlijk ging uitnodigen die ik kende en ging flyeren, plus een bericht op de website van de Woej liep het aantal deelnemers al snel op naar twintig. Gelukkig is de groep niet te groot. Zo blijft er nog genoeg ruimte voor persoonlijk. contact.

Het project is meer dan alleen maar samen eten. Een voorbeeld hiervan is een vrouw met twee kinderen die mee at. Ze vond de moed om mij aan te spreken en te vragen om hulp met papieren. Ik heb haar samen met een aantal vrijwilligers op weg geholpen om bij de juiste hulp te komen en ze heeft nu eten via de voedselbank en ze wordt ook geholpen via schuldhulpverlening. Ook is er een deelneemster die ik in de loop der tijd heb zien opbloeien. In het begin was ze erg schuchter. Inmiddels heeft ze het hoogste woord aan tafel en heeft ze hier zelfs haar eigen bord en soepkom.

Ik ben gewoon mezelf. Maak grapjes met de mensen. Ze hoeven niet over hun problemen te praten, maar het mag wel. Ik benader ze als mens. Het gezellig samen zijn geeft ze al een kortdurend gevoel van geluk. Een kans om als ze in de avond thuis in bed liggen om ook aan iets leuks terug te kunnen denken van die dag. Want ze hebben al genoeg ellende en anders stomp je af. Even lachen is gezond.